|
Maurizio Fomini, Het priesterbeeld in de kerkvisie van Kardinaal Danneels, in “Collationes” 35 (2005) 139-158.
Il Cardinale Godfried Danneels, Primate della Chiesa belga, ha parlato e scritto su molti aspetti della vita della Chiesa.
In questo articolo, comparso sulla rivista fiamminga “Collationes”, Maurizio Fomini pone la sua attenzione su uno degli aspetti fondamentali del pensiero del Cardinale: la sua visione sul sacerdote.
Ciò che al Cardinale preme evidenziare è l’essere del sacerdote. Per questo è più interessato a rispondere alla domanda: “Chi è il sacerdote?”, che all’altra: “Che cosa fa il sacerdote?”.
Per il Card. Danneels il sacerdote è “portatore di un Mistero”. Per spiegare quest’affermazione fa riferimento alla “grande letteratura”, poiché essa evidenzia in forma molto acuta la tensione sempre esistente tra Vangelo e cultura. Gli autori a cui principalmente si ispira sono i grandi romanzieri quali G. Bernanos, G. Greene e F. Mauriac. Ma anche altri autori come F.M. Dostoevskij e F. Kafka vengono spesso citati.
Tre caratteristiche danno al sacerdote un chiaro profilo. Egli è: l’uomo della liturgia; l’uomo della Parola; l’uomo della Chiesa e per la Chiesa.
Sottolineando questi tre aspetti anche il rapporto tra sacerdote e laici diviene per il Cardinale molto più chiaro.
Per concludere, per quanto riguarda la pastorale il Card. Danneels propone un’interessante differenza tra una pastorale del “mantenimento”, che oggi tiene troppo occupati i sacerdoti, ed una pastorale di primo annuncio, che risponde meglio alle necessità del nostro tempo.
fe
Maurizio Fomini, Het priesterbeeld in de kerkvisie van Kardinaal Danneels, in “Collationes” 35 (2005) 139-158.
Kardinaal Godfried Danneels heeft over zowat alle aspecten van geloof en kerk gesproken en geschreven. Daar lopen ongetwijfeld ‘rode draden’ doorheen.
In dit artikel, verschenen in de Vlaamse tijdschrift “Collationes”, richt Maurizio Fomini zijn aandacht op één van die grondlijnen in het denken van de Kardinaal: zijn visie op de priester.
Wat de Kardinaal Danneels ter harte gaat, is het wezen van de priester te verduidelijken. Daarom de vraag: “Wie de priester is?” houdt hem meer bezig dan de andere vraag: “Wat doet hij?”. “Hij is, zo de Kardinaal, de drager van een Mysterie”.
Om dat uit te leggen, doet hij beroep op de ‘grote literatuur’, omdat zij ergens de spanning tussen cultuur en Evangelie scherp profileert. Met name verwijst de Kardinaal naar drie romanschrijvers: G. Bernanos, G. Greene en F. Mauriac. Maar ook F.M. F.M. Dostoevskij en F. Kafka worden vaak geciteerd.
Volgens de Kardinaal geven drie kerntrekken een duidelijk profiel aan de priester. Hij is: de man van de liturgie; de man van het Woord; de man van de Kerk en voor de Kerk.
Door deze accenten te benadrukken wordt ook de verhouding tussen priester en leek duidelijker.
Tenslotte, in verband met de pastoraal maakt de Kardinaal Danneels een interessante onderscheid tussen een onderhoudspastoraal, die vandaag ten dage de priester te veel bezig houdt, en een pastoraal van eerste verkondiging die beter op de noden van onze tijd zou antwoorden.
|